­

Blog

Op dit moment heb ik een leerling in mijn praktijk die toondoof is. Dat betekent dat hij toen hij net bij mij begon, de tonen niet of nauwelijks op de juiste hoogte kon na zingen. Met heel goed luisteren en veel oefenen blijkt dat van ‘niet of nauwelijks’ om te zetten naar ‘steeds beter’ de tonen op de juiste hoogte nazingen. En ja, het klopt, dat is nog steeds niet vanzelf maar het is dus aan te leren. Met deze leerling werk ik aan het ontwikkelen van het innerlijke gehoor en aan het ontwikkelen van een voorstelling van de toonhoogte en de klinker.

Met bewust luisteren en bedenken wat we gaan zingen bespelen wij ons instrument
Dat doen we met behulp van de zogenaamde spiegelneuronen. Ik ben geen Erik Scherder, dus in Karin taal: door mij voor te stellen wat ik ga zingen geven de spiegelneuronen impulsen door aan de spieren van mijn stemapparaat om de toon voor te bereiden. Dit gebeurt natuurlijk de hele tijd al, onbewust, maar door het bewust te doen is de kans van direct slagen vele malen groter.
Een poosje geleden was ik aanwezig bij een lezing waar ik het bewijs te zien kreeg. De zangeres liet twee foto’s zien van haar strottenhoofd met de stemplooien, bij de voorbereiding van twee verschillende noten, een gemiddelde noot en het octaaf hoger van deze noot. Ik zal niet al te technisch worden maar bij een hogere noot komt er een andere spanning op de stemplooien, deze worden langer en dunner. En dat zag je terug op de foto’s. Nogmaals, ze zong nog niet, ze bereidde zich alleen nog maar voor in gedachten, dus met haar innerlijke gehoor stelde zij zich de toonhoogte voor en ging het instrument klaar staan om de toon ‘aan te slaan’.

Wat kan jij als zangeres of zanger met deze informatie?
Best wel veel. Stel je voor dat je in een koor zingt, de dirigent zal zeker blij zijn als jullie tegelijkertijd inzetten, op de goede toonhoogte en er niet ‘net tegen aan’, ook dezelfde klinker zal gewaardeerd worden dus niet als het een ‘aa’ moet zijn een ‘aw, oau, of aae’ laten horen. Weten wat je moet doen is ook handig als je ouder wordt. Ging het zingen vroeger als vanzelf, nu moet je er wat meer je best voor doen anders gaat de toon bibberen en of kom je niet meer bij de hoogte.

Zingen met nog meer plezier en gemak
Of je nou pop zingt, musical of klassiek, voor jezelf, in een koor of op het (amateur) podium, hoe meer je weet over je instrument, hoe beter je het kan bespelen, hoe meer plezier je erin gaat hebben. En het fijne is, jouw lichaam weet het allemaal al, dus het is alleen een kwestie van dat jij je het bewust wordt en het bewust gaat doen: inademen, op spanning brengen, luisteren, voorstellen van de toonhoogte en de klinker, de tekst en dan gewoon: zingen maar!

Veel plezier,
Karin

­